"Het valt niet mee, hoor"
"Er zijn nu even geen geweldige lichtingen, maar dat komt en gaat. Normaal heb je er bij Ajax een stuk of vier, bij PSV een paar, bij Feyenoord een paar."
"Het heeft ook met geld te maken. Alles wat een beetje kan voetballen, wordt weggekocht. Wat je er voor terugkrijgt is vaak ook niet heel erg goed. Anders komen ze ook niet naar Nederland. Maar er blijft wel talent. Die jongen van Ajax, Steur. Dat is een jongen waarvan je denkt: die zal wat kunnen. Bounida en Godts heb je natuurlijk ook. Helaas zijn de meest talentvolle spelers van Ajax Belgen, met het oog op het Nederlands elftal."
"Ze gaan ook steeds vroeger weg. Ze zijn soms zestien als ze weggaan. Laat ze eerst maar 150 wedstrijden spelen in de Eredivisie. Je moet veel spelen, veel doen, veel fouten maken. Malen is een voorbeeld, net als Depay. Die waren er dan ineens doorheen."
"Als je bij Ajax, Feyenoord of PSV speelt is de weerstand op de trainingen hoger dan in de gemiddelde wedstrijd in de Eredivisie. Daar leer je de meeste dingen van. Van een oudere speler die veel kwaliteit heeft en jou corrigeert, die je op dingen wijst. Daar moet je dan in mee. Dan zijn wedstrijden vaak makkelijker."
"Die Godts is nu de beste speler van Ajax, maar hij doet nog heel veel dingen verkeerd. Dan is het wel leuk als iemand in die wedstrijd zegt: ‘hé, zijn we nu even klaar met dat gedribbel?’ Dat is heel belangrijk."